donderdag 21 maart 2013

Welk argument hebben we nog tegen een islamscholennet? (08.02.2013)

Een opinieartikel van de hand van Patrick Loobuyck in de Morgen begint als volgt:
De integratiemaatregel van het Gemeenschapsonderwijs kan tot segregatie leiden, schrijft Patrick Loobuyck. Hij is moraalfilosoof verbonden aan de Universiteit Antwerpen.

Patrick Loobuyck  bedoelt hier dat het Gemeenschapsonderwijs de hoofddoek wil verbieden om integratie te bevorderen. Hij is daar tegen en pleit voor dialoog met de betrokkenen om tot een oplossing te komen. Dit laatste is ook altijd het uitgangspunt geweest van Karin Heremans, directrice van het Atheneum in Antwerpen. Tot zij met de neus op de feiten gedrukt werd, dat haar school een islamitische school aan het worden was met allerlei expressies van intolerantie als gevolg.

Hetzelfde fenomeen speelde zich af bij de stichting van de Islam. Men was in Mekka heel tolerant tegenover andersdenkenden, ook tegenover Mohammed die met een nieuwe godsdienst kwam. Men liet hem maar doen. Op het moment dat Mohammed 15 jaar later de macht overnam in Mekka was het afgelopen met "actief pluralisme" en was enkel de Islam toegestaan. Niet-moslims werden stapsgewijs geelimineerd door deportatie, oorlog of al dan niet gedwongen bekering. 1400 jaar later in Saoedi-Arabie is dit nog altijd zo. Hetgeen zich toen afspeelde in Mekka zien we nu terug op plaatsen waar moslims geconcentreerd zijn, zoals in het Atheneum van Antwerpen. Dan is de enige oplossing het opkomen voor de westerse waarden waartegen de Islam op een aantal fundamentele punten mee in conflict is. Voor een gedetailleerde analyse hiervan verwijzen we naar de tekst over Islam en Mensenrechten op onze website.


Na een lange maar weinig interessante juridische tocht heeft het Gemeenschapsonderwijs (GO!) zijn verbod op het dragen van religieuze tekenen van 11 september 2009 herbevestigd. Dit algemeen verbod is niet de meest verstandige keuze. Het is een onnodige, disproportionele vorm van vrijheidsinperking, geeft een verkeerd maatschappelijk signaal, draagt niet bij aan een gevoel van gelijkwaardigheid en heeft een aantal perverse neveneffecten.

Laten we er ons voor hoeden om het debat op een verkeerde manier te voeren. Voorstanders van een verbod zijn niet noodzakelijk etnocentrische islamofoben, net zoals tegenstanders niet zomaar weggezet kunnen worden als naïeve linkse multiculti's. Het heeft ook het geen zin om over de hoofddoek een exegetisch theologische discussie aan te gaan (want laat ons eerlijk zijn, het GO! heeft met zijn verbod op de eerste plaats de islam in het vizier, het verbod van de tulband is collateral damage).

Patrick Loobuyck waagt zich niet aan een theologische discussie over de Islam. Hij wil vermoedelijk zijn vingers niet verbranden aan de problematische aspecten van de Islam. De Koran zegt namelijk dat de hoofddoek een element van segregatie is:  

33.59. O profeet! Zeg aan uw vrouwen en uw dochters en de vrouwen der gelovigen dat zij een gedeelte van haar omslagdoeken over haar (hoofd) laten hangen. Dit is beter, opdat zij mogen worden onderscheiden en niet lastig worden gevallen. En Allah is Vergevensgezind, Genadevol.


Etienne Vermeersch (DM 6/2) heeft gelijk dat de verplichting om een hoofddoek te dragen niet gemakkelijk terug te brengen is tot de Koran. Maar hoe interessant zo'n debat ook is, het doet hier absoluut niet ter zake. De scheiding tussen kerk en staat garandeert dat mensen zelf bepalen wat hun levensbeschouwing van hen vraagt.
 
Patrick Loobuyck stelt dat de mensen maar zelf moeten bepalen wat hun geloof van hen verwacht en dat de staat hier zich niet moet mee moeien. Dan stelt zich de vraag of dit ook geldt voor moslims,

(1) die hun vrouw opsluiten gebaseerd op de regel in de Islam die zegt dat vrouwen toestemming moeten hebben van hun man om het huis uit te mogen?

(2) die hun ongehoorzame vrouw slaan, gebaseerd op koranvers 4.34?

(3) die vinden dat zij in Syrie Jihad moeten gaan voeren tegen de vijanden van de Islam?

Een liberale overheid, en dus ook het GO!, moet zich niet met geloofsinhoud en theologie bezighouden.
Juist! De overheid moet regels opleggen die voor iedereen geldig zijn en die nodig zijn voor een ordelijk verlopende samenleving. Of die regel strijdig is met de religieuze principes van een bepaalde groep mensen is dan niet relevant. Als er een ongezonde sociale druk is om een hoofddoek te dragen, dan moet er een oplossing gezocht worden, bvb door hoofddoeken voor iedereen te verbieden.

Overigens is dergelijke argumentatie nietszeggend voor de vraag of de tulband, de keppel, het kruisje en alle andere levensbeschouwelijke tekens meteen ook verboden moeten worden zoals de GO!-verordening dat doet.

Juridisch probleem
Waarom ben ik sceptisch ten aanzien van het verbod? Vooreerst is er een juridisch probleem. Ik haal er even artikel 9 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens bij: "De vrijheid zijn godsdienst te belijden of overtuiging tot uiting te brengen kan aan geen andere beperkingen worden onderworpen dan die die bij de wet zijn voorzien en in een democratische samenleving noodzakelijk zijn..."

En blijkbaar zijn er een hele hoop lacunes in de wet zoals het gebrek aan wetgeving die geen straffen voorzien voor mensen (jihadis) die zich bij terroristische groepen aansluiten in het buitenland, zoals nu het geval is in Syrie.

Waar men ook niet bij stilstaat is dat godsdienstvrijheid, in het geval van de Islam, het gelijkheidsbeginsel volop aan het uithollen is. Denk maar aan de wetten betreffende het dierenwelzijn die onverdoofd slachten verbiedt, ... behalve als men moslim is. Er zijn richtlijnen ivm pasfotos op identiteitskaarten die zeggen dat het hoofd onbedekt moet zijn, maar die gelden ook niet voor moslims.

Dit artikel, maar ook onze grondwet, geeft aan dat het onze politici zijn die regelgevend moeten optreden en desgevallend moeten aantonen dat een verbod noodzakelijk is. Omdat onze politici het onderwerp niet aandurven, voelt het GO! zich genoodzaakt om op eigen houtje een beslissing te nemen, maar het is niet zijn bevoegdheid.
Binnenkort kan men zich dan bezighouden met het aantonen dat een verbod om in het buitenland jihad te gaan doen noodzakelijk is.
Bovendien staat het verbod haaks op het eigen pedagogisch project van actief pluralisme. Het GO! beschouwt het actief omgaan met diversiteit 'als een meerwaarde en als een pijler van zijn onderwijs' en het stelt duidelijk dat leerlingen met hun eigen levensbeschouwing welkom zijn. De redenering dat men met een verbod het pluralisme garandeert is krom. Het verbergen van de diversiteit is niet de meest consequente manier om een faire pluralistische samenleving na te streven.
Juist! Tot die "eigen levensbeschouwing" botst met de algemeen aanvaarde normen en waarden van onze westerse samenleving. Of wanneer men die levensbeschouwing aan anderen wil opdringen, hetgeen hier het geval is. Kortom Patrick Loobuyck stelt een capitulatie aan de Islam voor! Dan stopt het actief pluralisme. Het grote probleem van onze maatschappij is dan men bang is voor zijn eigen waarden op te komen en dat weerstand bieden aan de Islam die hiermee op verschillende punten mee in strijd is, resulteert in de bekende beschuldiging van islamofobie of xenofobie.
Ten tweede maakt het algemeen verbod, centraal opgelegd vanuit Brussel voor alle GO!-scholen in Vlaanderen, op een oneigenlijke manier abstractie van concrete schoolcontexten. Een algemeen verbod creëert immers een probleem in scholen(groepen) die voorheen geen enkel probleem hadden met moslimmeisjes en -vrouwen (denk aan het tweedekansonderwijs) met hoofddoek of met sikhleerlingen met tulband. Er zijn scholen waar er problemen zijn, maar particuliere problemen legitimeren geen abstract en algemeen verbod.
De praktijk heeft bewezen dat wanneer er problemen zijn en een hoofddoekenverbod in een school uitgevaardigd wordt, de hoofddoeken verhuizen naar een andere school, waar dan op termijn ook dezelfde problemen onstaan tot alle scholen een verbod hebben. Vandaar is een algemeen verbod zinvol.
Ik heb begrip voor scholen die een verbod invoeren als het aantoonbaar een laatste stap is in een lang en zorgvuldig proces. Een verbod is legitiem als er met de betrokkenen overleg is geweest, als degenen die verantwoordelijk zijn voor de druk om de hoofddoek te dragen aangesproken en gesanctioneerd werden en als er grondig is nagedacht op welke manier men een open en vrij schoolklimaat wil creëren. Nu wordt de veelgenoemde en niet goed te keuren sociale druk om een hoofddoek te dragen vervangen door een systeemdwang om er geen te dragen.
Moest het zo eenvoudig zijn, dan bestond er ook geen pestprobleem in scholen. Hier is specifiek het probleem dat in de moslimgemeenschap, leden die zich verzetten tegen islamitische normen die door de groep opgelegd worden als verraders aanzien worden, verraders van hun gemeenschap en van de Islam. En daar wil men het hard spelen. Ik stel voor dat Patrick Loobuyck eens een onderzoek doet naar moslimkinderen die tijdens de Ramadan onder druk van hun medeleerlingen niet in het publiek kunnen eten of drinken. Misschien komt hij dan zelf op de proppen met een verplichting aan iedereen om tijdens de Ramadan mee te lunchen.

Het verbod treft overigens de slachtoffers van die sociale druk, aan de oorzaken wordt niet onmiddellijk iets gedaan. Ik heb alvast nog niets gehoord van algemeen geldende flankerende maatregelen. Het algemeen verbod mag geen alibi worden om er zich gemakkelijk van af te maken: hoofddoeken af, problemen opgelost. Was het maar zo eenvoudig. Ons samenleven in diversiteit vraagt meer moed en nuance.
De ervaring met scholen die lang weerstand geboden hebben tegen een hoofddoekenverbod en dit uiteindelijk ingevoerd hebben, heeft bewezen dat het verbod wel degelijk bijdraagt tot een harmonieuzer klimaat op de school.
Perverse neveneffecten
Vervolgens kan het verbod ook een paar ongewilde perverse neveneffecten hebben. Het wordt ingesteld als buffer tegen de radicalisering bij de moslimleerlingen. Het is onduidelijk of deze maatregel op dit punt wel echt efficiënt is. Het is niet de bedoeling van het GO!, maar moslimjongeren voelen zich nog maar eens geviseerd en met weinig respect behandeld. Mensen het signaal geven dat ze met hun levensbeschouwelijke identiteit niet welkom zijn op onze gemeenschapsscholen kan precies een vorm van radicalisering en polarisering in de hand werken.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat er opnieuw stemmen opgaan om eigen moslimscholen op te richten. Dit zou geen goede evolutie zijn. Maar ik hoor mensen zeggen dat nu het hoofddoekverbod er is, de argumenten op zijn om bij moslims tegen een verdere verzuiling van het onderwijs te pleiten. Ik denk niet dat het zo'n vaart zal lopen, maar we kunnen er wel van leren: een druk om te assimileren kan tot segregatie leiden in plaats van tot integratie. Mensen kunnen zich gemakkelijker identificeren met een samenleving/school/stad die hen in hun eigenheid respecteert.
Hier boort Patrick Loobuyck zijn hele betoog de grond in. Als er totaal geen probleem is met de levensbeschouwing van een bepaalde groep, in dit geval de moslims, waarom zou het dan een probleem zijn dat zij eigen scholen oprichten, waarbij hun levensbeschouwing volop beleefd kan worden.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen